Terugblik DNWS bijeenkomst | Bereikbaarheid, logistiek en parkeren in (wijk)winkelcentra

(Wijk)winkelcentra en kleine binnensteden staan voor lastige keuzes. Verdichting, woningbouw en vergroening vragen om ruimte, terwijl tegelijk de ambitie groeit voor autoluwe, aantrekkelijke centra met een goed verblijfsklimaat. Bereikbaarheid, bevoorrading en parkeren zijn daarin cruciale randvoorwaarden – maar krijgen in de praktijk vaak pas laat aandacht.

Tijdens de bijeenkomst van DNWS en Topsector Logistiek op donderdag 5 februari 2026 in IJsselstein stond één centrale vraag centraal: welke ruimte is nodig om (wijk)winkelcentra en kleine binnensteden met een sterke boodschappenfunctie aantrekkelijk én economisch vitaal te houden?

Stadslogistiek is geen rekensom

Walther Ploos van Amstel (lector City Logistics aan de Hogeschool van Amsterdam & als voorzitter van de stuurgroep Steden & Ruimte nauw betrokken bij Topsector Logistiek. ) trapte af met een scherpe reflectie op het vakgebied. Logistiek is volgens hem geen technische rekensom, maar een samenspel van economie, leefbaarheid en organisatie.

Belangrijkste inzichten en voorbeelden:

  • Niet elke ‘duurzame oplossing’ is schaalbaar
    • Vrachtfietsen klinken aantrekkelijk, maar volledige bevoorrading van Amsterdam zou leiden tot 250.000 vrachtfietsbewegingen per dag.
    • Pakketkluizen zijn geen wondermiddel: 60% van de gebruikers rijdt alsnog met de auto naar de kluis.
  • Bundeling werkt – als je het professioneel organiseert
    • Green Collective: afvalinzameling gebundeld; in plaats van 62 inzamelaars rijdt er nog maar één door de Zeedijk.
    • Oscar Circulair: haalt horeca-afval op in kleine binnensteden, goed voor circulariteit én straatbeeld.
    • Grote logistieke partijen zoals DHL of Transmission combineren 25–30 stops per rit, veel efficiënter dan losse zendingen.
  • Slimme logistiek zit in data en timing
    • Nachtbelevering met smart locks: winkels worden op basis van kassa-data vroeg in de ochtend bevoorraad, zonder verstoring overdag.
    • Smart data van laad- en losplekken: met realtime informatie over laad- en losplekken kan een vrachtwagen even wachten, waardoor de straat niet vastloopt.

Kortom; de stad is meer dan een doorstroommachine: Logistiek moet bijdragen aan een gezonde, aantrekkelijke stad. Het gaat niet alleen om minder bewegingen, maar om betere bewegingen, die rekening houden met verblijfskwaliteit, ondernemersbelang én bewoners.

Onderzoek: logistiek als ‘ondergeschoven kindje’

Ingrid Ploegmakers (leading expert Winkelen & Vrije Tijd bij Sweco) presenteerde de resultaten van het onderzoek ‘Ruimtegebruik rond ondersteunende centra’, uitgevoerd in opdracht van Topsector Logistiek. Haar conclusie was helder: logistiek wordt structureel te laat meegenomen in gebiedsontwikkeling.

In veel buurt- en wijkwinkelcentra bestaat de ruimteverdeling grofweg uit:

  • 43% mobiliteit (wegen, fietspaden, voetpaden en overige voetgangersgebieden)
  • 34% bebouwing
  • 14% parkeren
  • 8% groen
  • slechts 1% laden en lossen

Logistiek vraagt weinig ruimte, maar stelt hoge eisen. Laden en lossen moet veilig kunnen, zonder hinder voor voetgangers, fietsers of verblijfsgebieden of schade te brengen aan gebouwen en lantaarnpalen. Het onderzoek laat zien dat die functie nu vaak te laat in de planvorming wordt meegenomen en daardoor vaak tot knelpunten leidt. Tegelijkertijd groeit ook de behoefte aan groen en grotere winkels, bijvoorbeeld voor full service supermarkten. Dat leidt tot spanningen, want grotere verzorgingsgebieden betekenen ook meer automobiliteit en parkeerdruk.

In opdracht van Topsector Logistiek is er een toolbox ontwikkeld die zowel inhoudelijk als procesmatig inzicht geeft over het ruimtegebruik bij ondersteunende centra. In de inhoudelijke toolbox worden percentages gegeven die inzicht geven in het huidige en geadviseerde ruimtegebruik. 

Het complete rapport en de toolbox van Topsector Logistiek is hier te lezen.

De praktijk: de klant is óók bewoner

Ondernemer Marcel le Febre (Ondernemer Jumbo Rotterdam en betrokken bewoner van IJsselstein) bracht het perspectief van de dagelijkse praktijk. In zijn winkels komen dagelijks meerdere vrachtwagens, terwijl de supermarkt tegelijkertijd fungeert als afhaalpunt voor online bestellingen. Omnichannel retail maakt logistiek complexer en intensiever.

Een belangrijke les uit zijn verhaal: denk logistiek mee vanaf het ontwerp. Door bij nieuwbouw te investeren in voldoende magazijnruimte (bijvoorbeeld 600 m²) kan bevoorrading efficiënter en met minder overlast plaatsvinden.

Zijn belangrijke inzicht: “Die klant is niet alleen klant, maar ook bewoner.” Logistiek raakt dus direct aan leefbaarheid. Overlast moet worden beperkt, maar een slecht bereikbare winkel is uiteindelijk ook nadelig voor dezelfde bewoners.

Als bewoner is Marcel ook betrokken bij de oprichting van Stichting Bewoners Binnenstad IJsselstein, waardoor bewoners, ondernemers en gemeente elkaar beter begrijpen en besluiten beter uitlegbaar zijn.

Conclusie

Een rode draad door de middag was het belang van samenwerking. De Omgevingswet biedt hiervoor nieuwe kansen, doordat functies integraal moeten worden afgewogen en participatie een vaste plek heeft gekregen.

Succesvolle ingrediënten die werden gedeeld:

  • Begin het gesprek vroeg, vóórdat plannen vastliggen
  • Neem logistiek vanaf het begin mee in ontwerp en proces
  • Bundel stromen (zoals gezamenlijke afvalinzameling)
  • Gebruik data en digitalisering voor flexibel laad- en losgebruik

De toekomst van (wijk)winkelcentra en kleine binnensteden vraagt om een andere manier van kijken. Logistiek is geen sluitpost en geen technisch detail, maar een essentiële bouwsteen voor leefbaarheid én economische vitaliteit. Alleen met een integrale visie, waarin ruimte, logistiek en waardecreatie samenkomen, blijven centra aantrekkelijk – voor ondernemers, bewoners én bezoekers.

Delen: